TREC rijden? Oefenen kan ook thuis!

0
2421
Een poort is zo gemaakt met behulp van twee staanders en een longeerlijn.

TREC begint in Nederland een steeds bekendere tak van paardensport te worden en er worden dan ook meerdere wedstrijden en trainingen op verschillende plekken in het land georganiseerd.

Wat veel mensen echter niet weten, is dat je heel veel van de oefeningen ook prima thuis kunt doen. Dat is handig ter voorbereiding op een wedstrijd, maar ook gewoon hartstikke leuk om eens mee af te wisselen. Wendy Koekoek van TREC Noord vertelt ons hoe je thuis aan de slag kan.

Naar buiten!

TREC is het rijden van trektochten in wedstrijdverband, de basis daarvan is toch buitenrijden dus ga naar buiten! Tijdens buitenritten kan je van alles oefenen: bruggetjes, poorten open doen, een boomstammetje springen, plat op je paard liggen voor laaghangende takken en ga zo maar door.

Wendy legt uit: ‘Ik probeer tijdens mijn buitenritten ook bewust dat soort dingen op te zoeken. Liggen er bijvoorbeeld metalen platen, dan vermijd ik die niet, maar rij ik er júist overheen (nvdr: kijk hiermee uit als je paard op reguliere hoefijzers staat). Ik wil dat mijn paard went aan rare geluiden als ze ergens over loopt, zodat een brug ook niet raar meer is. Ik wil dat ze doorloopt als ik dat vraag, ook als ze het zelf niet helemaal vertrouwt.’

Kom je een waterpassage tegen? Maak er gebruik van!

Thuis in de bak

‘Een paard dat dressuurmatig goed voor elkaar is, komt in de PTV ook makkelijker rond’, aldus Wendy. ‘Zo kan je in de bak genoeg dingen oefenen die je in de PTV kan gebruiken. Je paard laten wijken en zijwaarts gaan helpt je bij het plaatsen van je paard naast de poort. Een keertwending helpt je gemakkelijker door het labyrint en natuurlijk het achterwaarts gaan. Natuurlijk kan je ook oefenen om in verschillende gangen wat figuren te rijden met één hand aan de teugels.’

Ze vervolgt: ‘Sprongen oefenen is altijd een goed idee. Dat hoeft niet hoog, maar mag wel raar! Slootjes, muurtjes, jassen over een balk: dan kijkt je paard niet zomaar op van een bezembak op de wedstrijd.’

Hoog springen is niet nodig, maar leer je paard om niet gek op te kijken van een ‘vreemde’ sprong.

Spelen met spullen

Wil je wat specifieker aan de slag met de hindernissen, dan is er ook genoeg dat je thuis kan doen. Wendy legt uit hoe je met een aantal spullen die de gemiddelde paardenliefhebber wel in bezit heeft hindernissen kunt namaken.

‘Met behulp van een paar simpele prikpalen kan je de slalom oefenen. Neem twee staanders en een longeerlijn om de poort te oefenen. Probeer dat ook met alle variaties: van je af, naar je toe of zelfs achterwaarts door de poort. Een longeerlijn is wat vergeeflijker dan een stijf hek, maar helpt je paard al wel om te wennen aan het wijken naar een object toe.’

‘Ook met twee balken kan je ook een hoop oefenen: een smalle doorgang, aan de hand en onder de man bijvoorbeeld. Maak het uitdagender door de balken bijvoorbeeld in het midden haaks op de hoefslag te leggen, zodat je ook scherp moet afwenden. Met dezelfde balken kan je ook de achterwaarts oefenen. Vergeet niet om tussen het draven en galopperen door je paard ook eens stil te zetten en de teugels los te laten: het onbeweeglijk stilstaan’, besluit ze.

Vergeet niet om tussendoor ook het onbeweeglijk stilstaan te oefenen.
En dat kan natuurlijk ook terwijl je ernaast staat…

Zoals je ziet kun je al een hele hoop thuis doen. Trommel je stalgenoten eens op voor een middagje oefenen en ga aan de slag!

Bron: Buitenruiters, overname enkel toegestaan na schriftelijke toestemming.
Foto’s: Wendy Koekoek / TREC Noord