Voorkom Atypische Myopathie: (her)ken de esdoorn

0
1196
Archiefbeeld blad van de Gewone esdoorn.

Op sociale media en in de landelijke media wordt op dit moment volop gewaarschuwd voor Atypische Myopathie. Dit is een ernstige spierziekte die weinig voorkomt, maar wel vaak een dodelijke afloop kent. Er bestaat een direct verband tussen de ziekte en de stof hypoglycine A. Dit is een stof die kan worden aangetroffen in esdoornzaden, -bladeren en -zaailingen.

Esdoorn identificeren

Om te voorkomen dat je paard ziek wordt, is het dus zaak om te voorkomen dat je paard teveel hypoglycine A binnenkrijgt. Uit onderzoek is gebleken dat deze stof te vinden is in de zaden van de Vederesdoorn en in de zaden, bladeren en zaailingen van de Gewone esdoorn. Van de Veldesdoorn en de Noorse esdoorn is vooralsnog geen aanwijzing dat deze hypoglycine A bevatten. Deze bomen kunnen dus als veilig beschouwd worden.

Als je vermoedt dat er een esdoorn in de buurt van je wei of paddock staat, doe je er goed aan om allereerst te bepalen met welke esdoorn je te maken hebt. Gebruik hiervoor het uitgebreide artikel uit de kennisbank van Paardenarts of installeer de app Pl@ntnet (Android) (iOS) op je telefoon. Met deze app kun je een plant of boom identificeren door een duidelijke foto van een blad te uploaden. Buitenruiters testte de app kort uit, zie de screenshots hieronder voor de resultaten.

Een blad van de Gewone esdoorn geïdentificeerd met behulp van Pl@ntnet.
Een zaailing van de Gewone esdoorn geïdentificeerd met behulp van Pl@ntnet.

Voorkom dat je paard zaailingen eet

Op dit moment zijn vooral de zaailingen een risico voor je grazende paard. Als je geconstateerd hebt dat er een Gewone esdoorn in de buurt van je wei staat, zul je dus maatregelen moeten nemen. Allereerst kun je de wei inspecteren op de aanwezigheid van zaailingen. Als je wei niet te groot is of er niet veel zaailingen zijn, kun je besluiten ze er met de hand uit te trekken en af te voeren. Dit is een tijdrovend klusje dat je bovendien zult moeten herhalen.

Ook kun kun je overwegen om de risicoplekken tijdelijk af te zetten, je paard dusdanig bij te voeren dat het gras en de zaailingen minder aantrekkelijk zijn, of je paarden nu niet op de wei in kwestie te laten. Als het mogelijk is kun je uiteraard ook besluiten de betreffende bomen te laten kappen om in de toekomst problemen te voorkomen.

Bron: Buitenruiters / Paardenarts
Foto’s: Buitenruiters, gebruik ervan niet toegestaan zonder schriftelijke toestemming