Buiten de bak (1): Springamazone Bianca Schoenmakers

0
1852
Springamazone Bianca Schoenmakers neemt elk paard dat ze rijdt minimaal één keer per week mee op buitenrit.

Wie aan paardensport op hoog niveau denkt zal veelal denken aan keihard trainen, eindeloos geduld hebben en met name in de rijbak werken. Dat hoeft echter lang niet altijd zo te zijn, want ook professionals houden van afwisseling en niet alleen omdat het goed is voor de paarden. In het eerste deel van deze serie vragen we springamazone Bianca Schoenmakers hoe vaak zij nou buiten de bak rijdt.

Als we Bianca spreken zit ze – hoe kan het ook anders – op een paard en is ze op weg naar het bos. Zij vertelt hoeveel plezier ze in de paarden heeft en stelt dat niemand ooit professional is geworden omdat je er rijk van wordt. ‘Je doet dit altijd uit liefhebberij. Ik vind alles met paarden leuk en volg dan ook graag andere takken van de sport. Plezier maken is heel belangrijk, niet alleen maar stampen, zoveel paarden per dag rijden en alleen maar op de sport focussen.’

Leuk en leerzaam

Bianca vertelt dat zij gemerkt heeft dat paarden veel leren door mee naar buiten te gaan. Het maakt ze gemakkelijker en minder kijkerig en bovendien worden de meeste paarden echt wel blij van een lekker stukje galopperen. ‘Ik rijd met alle paarden buiten en heb nog geen enkel paard gehad waar het niet goed voor is. Elk paard neem ik minimaal één keer per week mee op buitenrit. Dat plan ik wel zorgvuldig, want ik ga natuurlijk niet een dag voor een wedstrijd even flink door het bos jakkeren.’

Ondertussen stelt ze aan haar rijmaatje voor om even een stukje te galopperen, maar praat rustig door over hoe zij de buitenritten gebruikt als training. ‘Buiten rijden kan een heel goede controle-oefening zijn. Ik trek een sprintje, maar wil daarna ook direct weer de controle terugkrijgen. Een flegmatiek paard kun je een groot plezier doen door even lekker buiten de bak te galopperen, terwijl een heet paard juist kalmer kan worden doordat hij even niks moet’, legt ze uit.

Dressuurmatig werk

‘In het bos train ik op verschillende manieren. Soms gaan we alleen stappen en draven aan een lange teugel, dat is gewoon puur op ontspanning gericht. Ik rijd ook best wel wat dressuur in het bos. Nergens kun je immers zo’n mooie lange zijde zonder steun aan de zijkant vinden als daar! Ik kan ze zo mooi recht houden, een stukje schouderbinnenwaarts meenemen en het is een goede manier om ze te leren bij de les te blijven op vreemd terrein. Ik heb een paard dat thuis heel fijn is, maar in de ring kijkerig en sterk wordt. Die train ik dressuurmatig in het bos om toch die situatie van werken op vreemd terrein een beetje na te bootsen.’

Even moeten Bianca haar verhaal onderbreken, ze komt namelijk een bekende – ook te paard – tegen. Na een kort praatje en een ‘houdoe’, vertelt ze dat ze met haar paarden ook elk vennetje doorwaadt dat ze tegenkomt. ‘Soms zeggen ze wel eens dat je dat met een springpaard niet moet doen omdat ze dan in een parcours dwars door de sloot zouden gaan. Nou, ze zien dat verschil écht wel hoor. Ik leer ze dat ze niet bang hoeven te zijn voor water en zo krijgen ze alleen maar meer vertrouwen. Als ik een ven tegenkom en we kunnen erin, dan gaan we gewoon.’

Volgens Bianca zien de paarden het verschil tussen een vennetje en een sloot in het parcours echt wel. Hier lekker tot aan de buik in het water.

Rijd doordacht

Je hoeft geen prof te zijn om van je buitenritten een training te maken. Bianca raadt alle ruiters die regelmatig in het bos rijden aan dat op doordachte wijze te doen. ‘Je moet niet alleen maar gas geven, paarden hebben dat na twee of drie keer zo door. Wissel af, rijd niet altijd hetzelfde tempo op dezelfde stukken en blijf controleren of jij degene bent die de controle heeft. Even laten gaan is goed en leuk, maar hij mag niet het initiatief overnemen. Als je opeens iemand tegenkomt, dan moet je altijd kunnen remmen om te gaan stappen, die controle moet je hebben.’

Dit kan dus betekenen dat je op sommige ritten alleen maar aan het controleren bent. Bianca legt uit hoe zij dit oefende met een paard dat geleerd had alleen maar gas te geven in het bos. ‘De eerste maanden heb ik heb alleen maar in verzamelde draf en galop gereden. Als ik hem dan twee pasjes liet gaan, dan wilde hij echt, maar nam ik hem weer terug. Dit heb ik net zo lang gedaan tot hij leerde op mij te wachten en naar mij te luisteren. Je moet altijd controleren of jij nog de baas bent over je paard want als er wat onverwachts gebeurt, moet je kunnen stoppen’, besluit ze.

Bron: Buitenruiters, overname enkel toegestaan na schriftelijke toestemming.
Foto’s: Privébezit Bianca Schoenmakers.